Kan God ook van onze vijanden houden? Ismaël nader bekeken.

Genesis 21: 1-21 en 25:7-18, Johannes 4:1-41, 

Wij zijn geneigd om afschuw te hebben van mensen die niet zo zijn als wij. Als wij het gebod ‘Heb uw vijanden lief’ serieus nemen, kan God ons wonderlijke dingen gaan laten zien.

Ismaël nader bezien

Stel je voor dat je Ismaël bent. Dertien jaar lang ben je de eerstgeborene in de familie en wordt je door iedereen zo gezien en behandeld. Nu is hij zestien of zeventien en wordt hij weggestuurd met zijn moeder door zijn vader en verliest definitief alle rechten. Hoe zou jij je voelen als je wordt weggestuurd door je vader? Hij zal zichzelf de vraag gesteld hebben wat er mis was met hem. Is hij nu echt zonder hoop? Verandert hij in iemand die zijn halfbroer haat en vervolgt zoals Esau? Is hij zonder God? Dat laatste zeker niet. God geeft hem een bijzondere belofte mee, die lijkt op de belofte die geldt voor Isaak, zijn ‘concurrent’. Een groot volk zal er uit hem komen, ook twaalf stammen/koningen. Volgens de overlevering stammen de Arabieren van hem af. En dat volk is vele malen talrijker dan het Joodse volk dat wij nu kunnen waarnemen. De Moslims geloven dat zij van Ismaël afstammen. En de Bijbel onderschrijft dat ook. Helaas hebben de Bijbelse geschiedenis herschreven naar eigen perspectief. In de Koran gaat Allah verder met de nakomelingen van Ismaël als het uitverkoren volk.

Daarom zoomen we dieper in op de achtergronden van Ismaël.

Het Arabische DNA in de Bijbel en de erfenis van de Arabieren.

Genesis 16:15 Hagar bracht een zoon ter wereld, en Abram noemde de zoon die zij hem gebaard had Ismaël (= JHWH zal horen). (zoals God haar had opgedragen in Genesis 16:11.)

Genesis 25:13-16 Hier volgen de namen van de zonen van Ismaël, in volgorde van geboorte: Nebajot, Ismaëls oudste zoon, Kedar, Adbeël, Mibsam, Misma, Duma, Massa, Chadad, Tema, Jetur, Nafis en Kedema. Dit waren de zonen van Ismaël, dit waren hun namen – twaalf stamvorsten, elk met hun eigen nederzetting en hun eigen tentenkamp.

God beloofde aan Abraham dat Hij ook voor Ismaël en diens nakomelingen zou zorgen door hen een erfdeel te geven (Genesis 17:20, 21:13); tot twee keer toe had Hagar, de moeder van Ismaël, een ontmoeting met de engel van de Heer (Genesis 16:7-14, 21:14-21). Zo is ook Jezus op zoek naar Hagar in de eindtijd totdat Hij haar gevonden heeft, want God riep Hagar bij haar naam en gaf haar werk en een positie. God was degene die haar de naam Ismaël[1] voor haar zoon gaf (Genesis 16:11), want deze naam betekent ‘God zal horen’. Daarmee zegt de Heer dat Hij zal luisteren naar Ismaël en al zijn nakomelingen, want Ismaël is geschapen op een manier waarop hij zijn stem tot God kan verheffen, waarna God zal horen (Genesis 21:17).

Ismaël (zijn nakomelingen) zal bekend worden vanwege de gebedsverhoringen door God. Ismaël behoort tot de schapen uit een andere schaapskooi (Johannes 10:16).

De Egyptische Hagar, moeder van Ismaël, had een ontmoeting met God, waarbij God Zichzelf aan haar openbaarde met een nieuwe naam, namelijk Lachaï-Roï (Genesis 16:14). Deze naam betekent ‘zie degene die naar mij ziet’ (Genesis 16:13), want God opende haar ogen zodat zij Hem kon zien, en zij was er zeker van dat Hij ook haar zag.

Dit alles geeft een profetisch DNA aan de Arabieren, want God roept hen bij hun naam, ofwel opent hun oren. God hoort hun gebeden en Hij opent hun ogen om Hem te kunnen zien, want Hij ziet hen ook.

Dat is de reden waarom vele Arabieren dromen en visioenen van Jezus ontvangen waarin Hij hen bij hun naam roept; wanneer een Arabier Jezus vraagt om Zichzelf aan hem te tonen, verschijnt Jezus aan hem in een droom of visioen.

En zo komen we de twee oudste zonen van Ismaël, Nebajot en Kedar, weer tegen in de profetie van Jesaja over de terugkeer van de Joden (Jesaja 60:7).

In de eindtijd zullen ze een belangrijke rol gaan spelen bij de voorbereiding van de terugkomst van de Messias! Als je met die ogen naar mensen met een Arabische afkomst gaat kijken, dan kun je ze ineens gaan liefhebben, omdat je weet wat God met ze voor heeft.


[1] Naast Ismaël hebben alleen Isaäk en Jezus/Jeshoeah voor hun geboorte een naam van JHWH gekregen. En allen beginnen ze met JHWH’s eigennaam. Hoe bijzonder is dat!

Onze eigen geschiedenis bepaalt wat we waarnemen

Dus als we de Bijbel goed lezen dan ontdekken wij dat er geen strijd tussen Ismaël en Isaak was nadat Ismaël was weggezonden. Wij gaan onbewust wel van strijd uit tussen hen, omdat er later veel strijd is gekomen tussen Moslims – die vaak Arabier zijn – en Joden en Christenen. Onze eigen waarnemingen hebben sterke invloed op hoe wij denken dat de geschiedenis, de Bijbel en God in elkaar zit.

Wij zijn vaak bang van onze vijanden. Of in ieder geval van mensen waarvan wij denken dat ze onze vijanden zijn. En vaak kijken we ook op deze mensen neer. Maar als we eens met Gods bril naar onze ‘vijanden’ kijken dan kan de werkelijkheid er wel eens heel anders uitzien dan wij dachten.

Hoe Jezus omging met vijanden

Neem het voorbeeld van Jezus die de Samaritaanse vrouw ontmoet. De Samaritaan is synoniem voor de 20ste-eeuwse Moslim. Bedenk je dat volgens de Joden de Samaritanen de ergste afgodendienaars waren. Jezus doet daar een heel bijzondere uitspraak.

 19Daarop zei de vrouw: ‘Nu begrijp ik, heer, dat u een profeet bent!  20Onze voorouders vereerden God op deze berg, en bij u zegt men dat in Jeruzalem de plek is waar God vereerd moet worden.’ 21‘Geloof me,’ zei Jezus, ‘er komt een tijd dat jullie noch op deze berg, noch in Jeruzalem de Vader zullen aanbidden. 

Jezus wijst haar niet terecht door te zeggen dat zij God de Vader helemaal niet kent. Sterker nog, Hij erkent haar als gelovige. Voor Joodse begrippen is dit onbestaanbaar. Jezus doorbrak alle grenzen van wat cultureel bepaald was. Dat kon Hij doen, omdat Hij het hart van mensen zag en niet hun daden, hun uiterlijk of afkomst.

Wij kunnen heel veel leren van Jezus en het verhaal van Ismaël.

Het gebod: heb uw vijanden lief

Het gebod ‘Heb uw vijanden lief’ kan zo in een heel ander daglicht komen te staan. Namelijk, onze vijand is vaak ook onze broeder of zuster, ver weg misschien, maar God weet het. En God kan wel eens een belangrijke belofte op deze persoon hebben gelegd en een groot verlangen hebben die persoon tot Christus te trekken. Wij zijn niet beter dan onze vijanden. Wij zijn allen zondige mensen die de redding door Jezus Christus nodig hebben.

Wat ontdekken de kinderen in deze les

  • Wij zijn vaak bang van mensen, maar God is van niemand bang. Hij houdt juist van alle mensen.
  • We willen de kinderen leren dat God geen hekel heeft aan bepaalde volken of groepen mensen.
  • We willen de kinderen leren naar de mensen te  kijken en niet naar wat ze geloven, hoe ze eruit zien of waar ze vandaan komen.

Toepassingsvraag volwassenen

  • Wie zijn jouw vijanden?
  • Hoe helpt het verhaal van Ismaël jou om anders naar je vijanden te kijken?
  • Hoe helpt het verhaal van de Samaritaanse vrouw jou om anders naar je vijanden te kijken?

Les 157 voor de kinderen van groep 6-8

IJsbreker: Kijken met Gods bril.
Bijbeltijd (15 minuten): Ze lezen de verhalen van Ismaël en de Samaritaanse vrouw uit de Bijbel en beantwoorden vragen.
Verwerking 2: Ze bedenken een Flash Mob, met als thema, Jij hoort er ook bij.
Naar de moestuin: (30 minuten)

Wil je les 157 ontvangen, dat kan!

Vul het contactformulier hieronder in en vermeld het lesnummer.
Wil je de methode 8 weken proeven, dat kan, klik hier en registreer.
Wil je ‘proef’lessen ontvangen? vul het contactformulier hieronder in.
Abonneer je op de nieuwsbrief en je blijft op de hoogte van de laatste nieuwtjes over werken met kinderen, blogs, acties. Vul het contactformulier hieronder in en klik nieuwsbrief aan.

Vind meer interessante artikelen in deze lijn:
Abram en Hemelvaart
Pinksteren en de geboorte van Isaak

    * = verplicht veld

    Reageer

    Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

    You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>

    NederlandsEnglish